Zo creëer je een groene nieuwbouwtuin
Wie het leuk vindt om in de aarde te wroeten en bezig te zijn met plantjes, kan zijn hart ophalen bij de aanleg van een nieuwbouwtuin. Maar ook voor wie geen groene vingers heeft, is een groene tuin mogelijk, zonder er elk weekend in bezig te zijn. Laten we stapsgewijs een aantal punten doornemen waar je op kunt letten.
1. De bodem
Vaak krijg je bij een nieuwbouwwoning een zandbak waar de tuin moet komen. Om te beginnen is het verstandig de tuin aan te vullen of op te hogen met tuinaarde. Een eenvoudige manier om te kijken of de bodem in je tuin gezond is: een spa in de grond steken en kijken of er regenwormen zitten. Als dat zo is, is de bodem aardig gezond; ontbreken ze, dan kun je compost aanbrengen.
Tip: als de tuin klaar is, laat dan het omspitten en schoffelen tussen plantjes even achterwege. Dat is veel beter voor het bodemleven (schimmels, bacteriën, mijten, aaltjes, wormen) en het zorgt voor gezondere planten. Dat scheelt een hoop tijd én je planten doen het beter.
2. Regenwater opvangen
Omdat lange periodes van droogte veel vaker gaan voorkomen, is het slim om in de tuin water op te vangen. Bijvoorbeeld door in de tuin te werken met hoogteverschillen of een poel, infiltratiegreppel, regenwatervijver of een moeraszone aan te leggen. En wat te denken van een regenton; het water kan weer gebruikt worden om de planten water te geven.
Tip: geef planten niet te vaak en niet te veel water: ze worden dan ‘lui’. De wortels gaan niet meer verder de grond in en worden niet langer. De planten staan hierdoor niet erg stevig. En minder vaak water geven, scheelt weer tijd.
3. Bestrating
Verharding is in bijna elke tuin noodzakelijk voor een terras, loopruimte en een plek voor de fiets of container. Hiervoor is circa 15 vierkante meter nodig. Voor elke vierkante meter daarboven adviseren we om 80% groen en 20% verharding aan te houden. Hierdoor kan water beter de bodem indringen en het is beter voor de plantengroei. Er zijn ook waterdoorlatende terrastegels: de onderlaag vangt dan het hemelwater op en voert dat langzaam naar de ondergrond af.
Tip: minder tegels, hout of grind scheelt ook tijd in onderhoud: niet meer elk jaar de groene aanslag van het terras poetsen of spuiten en het onkruid tussen het grind weghalen.
4. Inheemse planten
Kies bij voorkeur voor inheemse planten. Deze planten komen hier van nature voor en hebben zich aangepast aan ons klimaat, de bodem en de kleine dieren en insecten. Ze gaan daardoor ook minder snel dood en hebben minder verzorging nodig. Planten en insecten hebben zich aan elkaar aangepast.
Tip: bespaar tijd met het uitzoeken van het een en ander. Ga naar een tuincentrum met een Groen Klimaatplein, daar hebben ze steeds meer aandacht voor inheemse soorten. Vaak is er bij lokale (biologische) kwekerijen ook voldoende deskundigheid.
5. Plant een boom
In je eigen tuin kun je volop genieten van de natuur dichtbij. Het planten van een boom helpt daarbij. Bomen zorgen voor schaduw en verkoeling in de tuin, helpen tegen wateroverlast, zuiveren de lucht en bieden privacy. Sommige bomen leveren voedsel voor mens en dier met ieder jaar volop fruit, zaden of noten. Vogels zoeken bomen en struiken om te schuilen of zich te nestelen. Denk ook eens aan nestkasten om vogels naar je tuin te lokken.
Tip: als je eenmaal een boom hebt geplant, heb je er in de jaren erna eigenlijk geen omkijken meer naar. Tenzij je het fruit of de zaden en noten gaat verzamelen; maar dat is juist weer leuk.
6. Erfafscheiding
Wordt het een schutting of een haag? Een haag is een stuk goedkoper, gaat langer mee, trekt vogels en andere dieren aan en biedt bescherming tegen de hitte. Bovendien kun je die zelf planten. Wie liever een schutting heeft, kan toch de tuin nog iets groener maken door er (inheemse) klimplanten tegenaan te zetten. Bijvoorbeeld klimop, wilde kamperfoelie of grootbloemige bosrank (Clematis). Maak dan ook een ‘egelpoortje’ met glad afgewerkte gaten van 15 bij 15 centimeter onder in de schutting.
Tip: denk eraan om over de erfafscheiding eerst te overleggen met de buren. Dat scheelt wellicht later scheve gezichten en eventueel aanpassen van de erfafscheiding.
7. Groen dak
Wie een plat dak heeft (woning, tuinhuisje, schuur) kan dat ook vergroenen. Hoe? Door een ‘groen’ dak te maken met een gevarieerde mix van mossen, grassen en planten. Dat helpt met het zuiveren van de lucht en afkoeling van de gehele tuin. Denk wel aan een goede afwatering of waterberging (regenton). In veel gemeenten zijn subsidies voor groene of bruine daken (bodemlaag waarin zaden en planten kunnen ontkiemen).
Tip: informeer je goed over het aanleggen van een groen dak. Er zijn genoeg gespecialiseerde bedrijven te vinden. Je kunt het zo duur maken als je wilt: een sedumdak is het goedkoopst. Het kost ook vrijwel geen onderhoud.
8. Groene gevel
Weleens aan gedacht om de gevel te vergroenen? Ze noemen dit niet voor niks een verticale tuin. Het resultaat is uiteraard afhankelijk van de beplanting en in welke richting de muur staat. Een lelijke of saaie muur kan met groen aan het zicht onttrokken worden en een levendiger aanzicht geven.
Tip: door te kiezen voor planten die altijd groen blijven, heb je ook in de winter een mooie groene gevel zonder er iets voor te hoeven doen. Goede inheemse soorten voor een geveltuin zijn onder meer de doornloze braam en wilde hop.
9. Gazon
Sommige mensen houden van een knalgroen, strak en kort gemaaid gazon. Gras dat elke week wordt gemaaid, heeft niet zoveel waarde voor de natuur. Bijen en vlinders vinden er geen voedsel meer. Wanneer het gras kort is, verdampt het water ook sneller uit de bodem. Door minder te maaien krijgen onder meer bijen, kevers, vlinders en hommels meer voedsel.
Tip: maai een deel van de grasmat minder vaak of om en om. Het stukje dat je overslaat dient als toevluchtsoord voor insecten en planten. Het scheelt ook weer heel wat maaitijd!
10. Een 'natuurlijke' tuin
Een tuin waar veel verschillende soorten leven, kan beter tegen plagen en extreme weersomstandigheden. In een dergelijke tuin is de lucht schoner, is het op zomerdagen koeler, wordt water beter opgevangen en vastgehouden, is er minder droogte in de zomer en is de natuur in balans, waardoor je bijna niks aan je tuin hoeft te doen. Dat laatste beseffen mensen vaak niet: velen denken dat een tuin met veel groen bewerkelijk en duur is.
Tip: wil je minder tijd kwijt zijn aan wieden van het onkruid, neem dan bodembedekkers. Dit zijn lage, kruipende planten die met wortels en bladeren aan elkaar groeien en daarmee de bodem afdekken, vaak tussen grote planten, bomen en struiken.
Delen
Wellicht ook interessant
Tuinideeën voor een nieuwbouwwoning
Een nieuwbouwwoning wordt opgeleverd met een tuin die nog grotendeels leeg is. Dat biedt mogelijkheden, maar kan het ook lastig maken om te bepalen waar je moet beginnen. Met een...
Wat doet een glazen schuifwand met het binnenklimaat van je nieuwbouwhuis?
Een glazen schuifwand is een aantrekkelijke toevoeging aan een nieuwbouwhuis. Je haalt meer daglicht binnen, creëert een open gevoel en maakt de verbinding met je tuin of terras groter. Maar...
Haal meer uit je tuin met een houten kapschuur
Je nieuwbouwtuin is vaak rechttoe rechtaan. Hoe richt je die ruimte zo in dat je er echt gebruik van maakt? Een houten kapschuur kan helpen om je tuin slimmer in...
Zo laat je binnen en buiten naadloos in elkaar overlopen
Wanneer binnen en buiten goed op elkaar aansluiten, voelt je huis groter, lichter en prettiger in gebruik. Door bewust na te denken over de overgang tussen huis en tuin, maak...
Zo pak je de inrichting van je nieuwbouwtuin aan
De meeste nieuwbouwtuinen worden kaal opgeleverd, soms met alleen een simpel pad naar de achterdeur. Je kijkt dus niet uit op een volgroeide tuin, maar op een lege vlakte waar...